Eindtoets Cito

De meest gebruikte en bekendste leervorderingentoets is de Eindtoets Basisonderwijs van Cito, ook wel bekend als ‘de Citotoets’. De Eindtoets is ontwikkeld met als doel het geven van onafhankelijke informatie voor de keuze van het best passende brugklastype voor het voortgezet onderwijs. De Eindtoets meet wat een leerling in vergelijking met andere leerlingen in acht jaar basisonderwijs geleerd heeft op verschillende gebieden, namelijk op het gebied van Taal, Rekenen-Wiskunde, Studievaardigheden en, eventueel, Wereldoriëntatie. Die leervorderingen zeggen iets over de kansen op succes van een leerling in de verschillende typen van het voortgezet onderwijs. Bovendien geeft een ‘de Citotoets’ indirect een indicatie van een aantal eigenschappen die van groot belang zijn voor het toekomstig schoolsucces: intelligentie, concentratie, motivatie en doorzettingsvermogen.

Elk jaar wordt er een nieuwe versie gemaakt van de Eindtoets. Op basis van het totale aantal goed op de onderdelen Taal, Rekenen-Wiskunde en Studievaardigheden wordt de zogenaamde standaardscore berekend. Dit is een getal tussen 501 en 550. Omdat de Eindtoets elk jaar opnieuw wordt gemaakt en elk jaar dus niet even moeilijk is, kunnen de scores van de leerlingen niet vergeleken worden met de afgelopen jaren. Daarom wordt deze standaardscore berekend die vergelijking wel toelaat. De standaardscore vormt de basis voor het advies van het best passende brugklastype voortgezet onderwijs voor de leerling.

In het onderstaande figuur is het Leerlingrapport Eindtoets Basisonderwijs te zien van Fatima. De betekenis van de standaardscore wordt grafisch weergegeven met een poppetjesgrafiek. In het bovenste gedeelte is per onderdeel het aantal opgaven, het aantal goed beantwoorde opgaven en de percentielscore te zien. Zij heeft van het totale aantal opgaven (290 opgaven) 217 goed beantwoord. Hier hoort een percentielscore van 45 bij. Dat wil zeggen dat 45% van alle leerlingen die de Eindtoets van Cito hebben gemaakt hetzelfde aantal opgaven goed hebben beantwoord of minder opgaven goed hebben beantwoord.

 

Van het onderdeel Taal heeft Fatima 75 vragen van de 100 goed beantwoord. Haar percentielscore is 41. Dat wil zeggen dat 41% van de leerlingen hetzelfde aantal opgaven goed hebben beantwoord op minder. Bovendien heeft 59% van de leerlingen een hogere score behaald. Je zou kunnen zeggen dat Fatima wat betreft het onderdeel Taal gemiddeld gescoord heeft (zie afbeelding). Ook kunnen we zeggen dat ze het onderdeel Rekenen-Wiskunde het beste gemaakt heeft van alle onderdelen.

Rechts op het Leerlingrapport is de standaardscore opgenomen, wat in dit geval 536 is. In de poppetjesgrafiek onderaan wordt op basis van deze score bekeken wat voor positie Fatima zou innemen tussen de medeleerlingen in de verschillende brugklastypen. We kunnen zien dat Fatima in de gemengde/theoretische leerweg tot de groep beste leerlingen hoort. In deze klas scoren 86% van de leerlingen minder dan Fatima en 14% scoort hoger. In het brugklastype ‘havo’ scoort 28% van de leerlingen lager of hetzelfde als Fatima, terwijl 72% van de leerlingen in dit brugklastype hoger scoort. Dit wil dus zeggen dat Fatima niet heel erg goed zou scoren in dit brugklastype. Op basis van de standaardscore zullen de brugklastypen ‘gemengde/theoretische leerweg en havo’ of ‘gemengde/theoretische leerweg en havo/vwo’ voor Fatima het meest geschikt zijn omdat zij hier behoort tot de middenmoot.